Redactie Radio Centraal Rotating Header Image

BBL: “Falend beleid rond windenergie op zee”

Share

De 3 zuidelijke Alpha-Ventus-windmolens /transformator , 2009, Bron: https://commons.wikimedia.org/wiki/User:SteKrueBe

Eind juni besliste minister van energie Mathieu Bihet (MR) om de veiling van de windmolenparken in de Princes Elisabeth-vlakte stil te leggen. Het uitstel is volgens de minister noodzakelijk wegens ‘grote rechtsonzekerheden en een onrealistische kalender’. Almut Bonhage van de Bond Beter Leefmilieu stelt dat het net die beslissing is die vertraging en onzekerheid zal creëren. Ze geeft aan dat de beslissing er komt na druk van grote internationale groepen, niet de lokale (Deme) of coöperatieve (Seacoop) spelers.

Op de eerste kavel van de Prinses Elisabeth zone zou 700 MegaWatt (MW) aan windmolencapaciteit neergezet worden, op de twee andere kavels telkens 1.400 MW. De drie parken samen moesten dus een capaciteit van 3.500 MW of 3,5 GigaWatt (GW) hebben. Die nieuwe parken komen er bovenop de bestaande 2,3 GW capaciteit zeewind die al bestaat, en 8% van het Belgisch stroomverbruik genereert. Met de nieuwe windparken zou de windenergie uit de Noordzee 20% van het huidig vraag dekken.

Almut Bonhage (bbl): “De oorspronkelijke planning voorzag dat het eerste van de drie Prinses Elisabeth-parken in dienst zouden zijn tegen 2030. In de praktijk ging dit waarschijnlijk 2032 worden maar door de beslissing van de minister is dit niet meer haalbaar.”

RC: Wat heeft dit dossier te maken met het Energie-eiland, waarvan zoveel sprake was in de media omdat de kost ervan ontspoorde?
AB:
“Het energie-eiland zelf is het probleem niet – de bouw is gestart en de budgetten zijn er – wel de infrastructuur die erop geïnstalleerd gaat worden. Het gaat over enerzijds wisselstroom-infrastructuur en anderzijds de gelijkstroom-interconnectoren. De discussie gaat over de DC- (gelijkstroom-) infrastructuur, waarvan de kosten heel sterk de hoogte ingeschoten zijn, waardoor beslist is om de aanbesteding uit te stellen. Dit creëert onzekerheid over de realisatie van het volledig windpotentieel. De gelijkstroom- (DC-) interconnector is niet nodig voor de eerste twee windkavels van de Elisabeth-vlakte, wel voor de derde. De DC-interconnectoren zouden hybride zijn, wat betekent dat ze niet alleen kunnen gebruikt worden om stroom van de eigen windmolenparken aan land te brengen, maar ook om verbindingen te maken met het Verenigd Koninkrijk, wat belangrijk is om ervoor te zorgen dat er altijd windenergie beschikbaar is.”

RC: Minister Bihet stelt dat de gunningsprocedure die in november 2024 gestart was voor het eerste van de drie parken moest stilgelegd worden wegens ‘grote rechtsonzekerheden, een onrealistische kalender en een vaag financieel kader’. Had hij daar geen punt?
AB:
Die zin in het persbericht van de minister echoot wat de grote buitenlandse projectontwikkelaars – zoals RWE en Totalenergies – in een brief aan de minister schreven. Anderen, zoals het consortium Haddock Wind, met daarin onder andere Deme en Jan De Nul (en Seaooop, de groep van 34 burgercoöperaties. nvdr), wilden helemaal geen uitstel. In tegendeel, ze hebben laten weten het uitstel te betreuren omdat ze al veel geld geïnvesteerd hadden in de uitwerking van de offerte.”

In de condities van de huidige offerte was burgerparticipatie als criterium opgenomen (10% van de score, nvdr). Het is onzeker of dit behouden blijft in de nieuwe offerte die Bihet zal laten uitschrijven, wat volgens ons een onterechte bevoordeling van de grote spelers zou betekenen.”

Bovendien is de minister zélf verantwoordelijk voor de onzekerheden in het dossier, door de nalatigheid waarmee hij het behandeld heeft. Het dossier was al jarenlang voorbereid door de vorige regering. Bihet moest nog enkele knopen doorhakken, er moesten nog koninklijke besluiten genomen worden, en de bedrijven die meededen aan de veiling hadden nog vragen die moesten beantwoord worden. Dat is allemaal niet gebeurd. We concluderen daarom dat Bihet het dossier heeft laten verrotten.”

Verder hangt de realisatie van de windmoleninfratsructuur op zee niet alleen af van de windmolenparken zelf. Naast de windmolens zijn de interconnectoren van het energie-eiland essentieel, en ook het transport via hoogspanningsleidingen naar het vasteland, het Ventilus-project. Met het huidig beleid bestaat het risico dat de windmolenparken er niet gaan komen. Daardoor zullen we met een energie-eiland zitten dat nutteloos is, en ontstaat ook het risico dat de Ventilus-leiding niet gebruikt zal worden. Hieruit blijkt dat het dossier verwaarloosd is.”

RC: De minister bevestigt dat de veiling van de tweede kavel zoals voorzien zal doorgaan en dat de ambitie als het gaat over windenergie niet verandert. Dit lijkt in tegenspraak met de vrees van BBL.
AB:
“We hebben dat ook gelezen. Dan moet opgemerkt worden dat het over drie kavels ging, en over het derde heeft de minister het zelfs niet meer. Er is bestaat dus onzekerheid of dat derde park er wel zal komen. Bovendien zullen we zeker drie tot vier jaar verliezen ten gevolge van het uitstel door Bihet.”

RC: Is dat wel zo? De veiling was gestart in november 2024. Er zou een herstart komen eind maart 2026. Dat lijkt op een uitstel van niet meer dan anderhalf jaar.
AB: “De vertraging zal veel groter zijn dan anderhalf jaar, want de vooropgestelde timing is niet realistisch. Er moet nog heel veel gebeuren. Zo moet het dossier voor overheidssteun opnieuw worden ingediend bij de Europese Commissie. Zelfs als het lukt om dat snel te doorlopen, dan moet daarna nog een ganse procedure doorlopen worden. Door de oefening terug opnieuw te starten, ontstaat er twijfel over timing en condities van de twee eerste parken. En dan is er ook de onduidelijkheid of het derde park er wel komt.”

In plaats van zekerheden te creëren zorgt de minister voor bijkomende onzekerheden voor de investeerders.”

0 Comments on “BBL: “Falend beleid rond windenergie op zee””

Leave a Comment